Rondetafelconferentie over kredietverstrekking

TOESPRAAK DOOR KRIS PEETERS
VLAAMS MINISTER-PRESIDENT EN VLAAMS MINISTER VAN ECONOMIE, BUITENLANDS BELEID, LANDBOUW, ZEEVISSERIJ EN PLATTELANDSBELEID
Rondetafelconferentie Banken

Dames en heren,

We zijn op het einde van deze boeiende namiddag gekomen. Een namiddag die - en ik ben ervan overtuigd dat velen mijn mening zullen delen - gekenmerkt is door een kritische, maar opbouwende dialoog, door vertrouwen en welwillendheid. Dat zijn cruciale elementen in tijden van crisis. Zeker met het oog op het moeilijke voorjaar dat nog voor ons ligt.
Elinor Ostrom en Olivier Williamson kregen dit jaar van Koninklijke Zweedse Academie voor Wetenschappen de prijs van de Zweedse Rijksbank voor economie, ter nagedachtenis aan Alfred Nobel.
Deze prijs werd toegekend omwille van hun belangrijke bijdrage tot het inzicht dat zowel in het publieke domein als in de relatie tussen bedrijven samenwerking meer kan opbrengen dan wantrouwen. Dit is ook voor het onderwerp van vandaag een bijzonder belangrijk gegeven.

Beste aanwezigen, ik zou u willen danken voor uw inzet en uw medewerking. Ik ben bijzonder verheugd te kunnen terugblikken op deze rondetafelconferentie en de verschillende voorbereidende debatten, waarbij we een grote mate van openheid en samenwerkingsbereidheid hebben kunnen vaststellen. De kmo’s en grote bedrijven waren enerzijds vertegenwoordigd door de ondernemersorganisaties Unizo en Voka en anderzijds ook door de financieel-economische adviseurs van de ondernemers. Voor de financiële wereld konden we rekenen op de constructieve medewerking van Febelfin en de afzonderlijke grootbanken, BNP-Paribas Fortis, Dexia, ING en KBC.
Tenslotte hebben ook PMV, het Participatiefonds en de federale kredietbemiddelaar bijgedragen om tot een goed resultaat te komen. Ik wens deze organisaties, bedrijven en instellingen hiervoor dan ook uitdrukkelijk te danken.

Dames en heren, beste aanwezigen,

We maken vandaag uitdagende tijden mee. Uitzonderlijke tijden. Alhoewel de nationale bank zopas kon melden dat de recessie ten einde is, kunnen we niet anders dan vaststellen dat Vlaanderen als open economie bijzonder te lijden heeft onder de crisis. In 2009 zal er een negatieve groei opgetekend worden van ongeveer 3%. Bovendien is de impact op onze economie dermate groot, dat er pas in eind 2010, begin 2011 een echte heropleving van de economische activiteit en de arbeidsmarkt kan worden verwacht. In dergelijke omstandigheden is een optimaal functioneren van de financiële markten absoluut noodzakelijk. 
Dankzij een goede samenwerking en een diepgaand overleg van de banken met het bedrijfsleven, moeten gezonde bedrijven kunnen investeren om de economische heropleving zo snel mogelijk terug op gang te trekken. Als Vlaamse overheid, willen wij elke mogelijkheid tot duurzaam investeren en groeien, ten volle ondersteunen.  Een goede basis voor het gesprek hebben we gelegd met een cijfermatig overzicht van de kredietverlening in tijden van crisis. Uit de resultaten van de studie van het departement Economie, Wetenschap en Innovatie blijkt dat vooral kleine bedrijven slachtoffer zijn van de financiële crisis. In november 2008 gaven nog bijna alle kleine ondernemingen (99,84%) aan dat ze krediet konden opnemen. In september 2009 was die kredietopneming gedaald tot 87,8%.
Terzelfdertijd ontkent niemand dat de opgenomen uitstaande kredietbedragen in dezelfde periode verder gestegen zijn, weliswaar  tegen een beduidend lager groeipercentage dan voorheen. Een duidelijk knelpunt is echter de verslechtering van de kredietwaarborgen en de andere kredietkosten. Ondernemers moeten meer informatie verstrekken en ervaren een langere doorlooptijd van de aanvraagprocedure. Deze knelpunten werden op de rondetafel erkend en bevestigd door de bankinstellingen. Hierbij werd wel meteen de - terechte - bemerking gemaakt dat bij de interpretatie van deze cijfergegevens, we rekening moeten houden met de veranderde omstandigheden in de reële economie. Als gevolg van de  crisis zijn de financiële situatie van sommige ondernemingen én de omgevingsfactoren verslechterd. Dit leidt tot meer onzekerheid en dus een hoger risico waardoor deze bedrijven minder eenvoudig als voordien (dus tegen strengere voorwaarden) aan kredieten kunnen raken. Ook de ondernemers en de economische vrije beroepen erkennen dit. De cijfers over de kredietverstrekking zijn dus genuanceerd, maar kunnen ons wel leren waar we samen de juiste acties moeten ondernemen.  Ik ben dan ook tevreden dat we in deze rondetafelconferentie samen goede afspraken hebben vastgelegd. Afspraken die onze bedrijven de nodige ademruimte zullen geven om te blijven investeren in een duurzame toekomst waar berekende risico’s worden genomen om groei, innovatie en ondernemerschap te stimuleren. Als minister van economie zal ik deze afspraken zo snel mogelijk omzetten in een krachtig “actieplan kredietversterking”. Dit betekent in de eerste plaats dat ik de vraag om meer transparantie over de cijfers verder zal ondersteunen. Vandaag is eerste rapport uitgebracht door het departement Economie, Wetenschap en Innovatie en het vervolgrapport zal neergelegd worden op 9 maart 2010. Ook van Febelfin hebben wij de nodige engagementen genoteerd om meer en betere gegevens te verzamelen over de toegekende kredietbedragen. Daarnaast zullen wij als Vlaamse overheid ten volle onze rol blijven spelen om de kredietverstrekking te ondersteunen met specifieke instrumenten. Het succes van de overheidswaarborgen vanuit de ParticipatieMaatschappij Vlaanderen toont het belang daarvan aan voor nieuwe investeringen. De behoeften van de bedrijven in de aanhoudende crisis zetten ons er toe aan de waarborg ook voor overbruggingskredieten mogelijk te maken. Deze uitbreiding is ondertussen beslist door de Vlaamse regering zal vanaf 1 januari 2010 van toepassing zijn. Het productbudget voor de waarborg is voor 2010 daarom ook opgetrokken van 300 naar 350 miljoen euro. Samen met collega minister Lieten zal ik de verdere mogelijkheden van het overheidsinstrumentarium bij de kredietverstrekking nauwlettend opvolgen. Aansluitend daarbij moedigen we ook de informele kredietverstrekking aan. Vandaag worden starters al gestimuleerd om ook via familie of vrienden kapitaal op te nemen. We bieden de informele kredietverstrekker doorvoor een belastingaftrek en een beperkte overheidswaarborg. In de nabije toekomst zal ik de winwin-lening voor alle kmo’s mogelijk maken en trekken we het leningsbedrag per kredietnemer op van 50.000 tot 100.000 euro.

Dames en heren,

De crisis verzwakt de financiële veerkracht van onze ondernemingen. Maar als Vlaamse overheid kunnen we kmo’s die in financiële moeilijkheden dreigen te komen en net daarom geen krediet meer bij de bank kunnen krijgen, wel actief ondersteunen. In het kader van het VESOC-akkoord over “preventief bedrijfsbeleid” organiseert het Agentschap Ondernemen vandaag - met subsidies voor begeleiding - een intensief doorstarttraject voor ondernemingen. Deze mogelijkheden zullen ook goed gecommuniceerd worden aan banken en economisch vrije beroepen. Het is immers van groot belang dat we zoveel mogelijk ondernemingen bereiken. Niet alleen om zo faillissementen en jobverlies te voorkomen, maar ook om de kredietwaardigheid van deze bedrijven te herstellen. Daarnaast blijven we werken aan het geven van meer en ook betere informatie over de randvoorwaarden voor kredietverstrekking. Ik heb het dan bijvoorbeeld over de kwaliteit van het kredietdossier, zoals ook bleek uit het panelgesprek. Een gezond bedrijf dat zijn kredietdossier slecht opstelt, dreigt geen gehoor te vinden bij de bankier. Ik reken op de medewerking van de ondernemersorganisaties, de economische vrije beroepen en de banken om vanuit hun eigen perspectief hieraan bij te dragen. Het Agentschap ondernemen heeft ter ondersteuning hiervan alvast een handige checklist opgesteld met de verschillende aandachtspunten voor de opmaak van een goed kwaliteitsdossier. Waar nodig, moeten de diensten van de federale Kredietbemiddelaar optreden. Sinds haar oprichting in 2008, zijn alle partijen erover eens dat de Kredietbemiddelaar een efficiënt netwerk heeft opgebouwd en al heel wat knelpuntdossiers heeft opgelost. Vanuit Vlaanderen zullen wij hierop inspelen. Vanzelfsprekend kunnen de overheidsinstrumenten en incentives maar ten volle hun nut bewijzen als ze ook voldoende bekend zijn in de bedrijfswereld. Ook dat is vandaag nog maar eens duidelijk naar voren gekomen. In opvolging hiervan zal het Agentschap Ondernemen, samen met Unizo en Voka een roadshow organiseren in de vijf Vlaamse provincies. De ondernemers zullen daar met sprekende en concrete voorbeelden goed worden geïnformeerd over de nieuwe overheidsinstrumenten. Ik hoop alvast op veel belangstelling voor deze informatiesessies.

Dames en heren,
Deze rondetafel is in elk geval een efficiënt instrument gebleken om de dialoog over de kredietverstrekking te versterken en het vertrouwen te versterken. Indien dat nodig blijkt, zal ik het initiatief nemen om een snel een opvolgvergadering bij elkaar te roepen. Ik ben tot slot verheugd dat de banken expliciet hun goede wil hebben uitgedrukt om een ruime, weliswaar verantwoorde - kredietverstrekking  door te voeren om de motor van de economie terug op gang te trekken. De afspraken tussen banken en kmo’s in het kader van de kredietverlening moet deze gezonde relatie tussen banken en ondernemingen bestendigen. Ik hoop dat we vandaag een start hebben gemaakt met  een Pax Financial. Het begin van een vernieuwde samenwerking, rustend op transparantie, dialoog en vertrouwen. Onze ondernemers verdienen het, onze economie en onze welvaart hebben het nodig. Ik dank u.