Morgen, dinsdag 15 september, opent in Wenen de Karel de Stoute tentoonstelling die eerder al, met veel succes, te zien was in Bern (2008) en Brugge (voorjaar 2009). De presentatie in het Kunsthistorisches Museum in Wenen loopt tot 9 januari.
De Vlaamse overheid is hoofdsponsor van de tentoonstelling. Met een promotiecampagne gericht naar zowel de Oostenrijkse bevolking als de internationale toeristen in Wenen, wordt bovendien aandacht gevestigd op Vlaanderen. Minister-president Kris Peeters, bevoegd voor buitenlands beleid, financiert die promotie. Hij trok hiervoor een budget van 90.000 euro uit.
Het Kunsthistorisches Museum en de Vlaamse overheid werken hiervoor intensief samen. Hiervoor worden op verschillende niveaus aangepaste media ingezet. Behalve affiches, persberichten, educatieve brochures en buitenreclame worden er drie aparte projecten gerealiseerd.
In samenwerking met het Vlaamse vormgeving- en communicatiebedrijf Kunstmaan maakt het Kunsthistorisches Museum in Wenen een thematische website – www.karlderkuehne.at.
Via dat kanaal zullen de bezoekers van de tentoonstelling en de ledenorganisaties van het museum permanent informatie krijgen over grote artistieke manifestaties in Vlaanderen, bv Rogier van der Weyden in Leuven, opening van MAS in Antwerpen, Dürer en van Eyck in Brugge, enz.
Tijdens de tentoonstelling coördineert de Vertegenwoordiging van de Vlaamse Regering in Wenen verscheidene netwerkmomenten, waarbij politici, pers en leidende ambtenaren uit Oostenrijk in contact worden gebracht met de politieke en economische vertegenwoordiging van Vlaanderen.
Bij deze netwerkmomenten is er gezorgd voor een optimale coördinatie met de overige buitenlandse vertegenwoordigingen van België in Oostenrijk: Flanders Investement and Trade, de permanente vertegenwoordiging bij de multilaterale internationale organisaties in Wenen en de Waalse exportdienst.
In het kader van de tentoonstelling worden bovendien vijf lezingen gewijd aan het erfgoed, de geschiedenis en de kunsten in vijf Vlaamse steden die nauw met de Bourgondische tijd verbonden zijn: Mechelen, Gent, Antwerpen, Brugge en Brussel. In samenwerking met Toerisme Vlaanderen worden hierbij de Vlaamse Kunststeden in de kijker geplaatst.
De Bourgondische vorst Karel de Stoute resideerde in Mechelen, maar had de gewoonte zijn schatten met zich mee te nemen op diens vele veldtochten. Zijn nederlaag in Nancy in 1477 schokte Europa. De overwinnaars kregen meteen één van de grootste oorlogsbuiten ooit in handen. De stukken kwamen uiteindelijk terecht in het Stadtmuseum van Bern en vormen de ruggengraat van de tentoonstelling in het Historisches Museum in Wenen, dat zelf via een legaat van de Habsburgse families over de grootste verzameling objecten van de Orde van het Gulden Vlies beschikt.
In het Weense museum kan het publiek tegelijkertijd de heringerichte zalen met schilderkunst van de Vlaamse barok bezoeken. Een 45-tal meesterwerken wordt voor het eerst sinds het einde van de jaren ‘80 opnieuw getoond. De nieuwe ophanging en schikking van de verzameling verlegt het accent van een lineaire presentatie van louter schilderkunst, naar een dialoogvorm waarin ook andere disciplines dan schilderkunst worden betrokken. Ook deze gereconstrueerde context zal Vlaams erfgoed laten zien, zoals wandtapijten en meubels.
Vlaams minister-president Kris Peeters toont zich alvast zeer tevreden over het initiatief: “Dit partnership is, na gelijkaardige projecten met het Quai d’Orsay in Parijs en de National Gallery in London, het derde grote museum in Europa waarmee het dpt. Vlaanderen Internationaal een dergelijke samenwerking opstart” benadrukt hij.